psalmviering van de week

Elke week verschijnt op deze pagina een ‘psalmviering van de week’,
waarbij thuis mee gebeden kan worden.

Psalmviering 125

Zang

Wie zich toevertrouwen
aan de naam gehecht
in altijddurend bidden,

gronden in de diepte,
als de berg Sion
zijn zij hoogverheven,

onwankelbaar zijn zij
gevestigd in jouw kracht,
de ziel van mijn gebeden,

Jij die mij koninklijk
bekleedt met overgave,
vlucht van mijn verlangen,

en met overgrote
liefde mij omringt,
een krans van zegeningen,

Jij bent onder ons
verborgen in de tijd,
om ons bewogen eeuwig.

Beurtlezing – Jesaja 9,1-6

Het volk dat gaat in duisternis
ziet een groot licht.
Wie wonen in het land van somberte
worden overstraald door licht.

Jij hebt de natie vermeerderd,
haar vreugde groot gemaakt.
Zij verheugt zich voor jouw gelaat
als de vreugde bij de oogst,
zoals men juicht bij het verdelen van de buit.

Ja, het drukkende juk
en de stang op hun schouders,
de stok van de drijver
heb Jij verbrijzeld als op de dag van Midjan.
Ja, alle dreunend stampende laarzen
en alle mantels in bloed gedrenkt
worden verbrand,
een prooi van het vuur.

Ja, een boorling is ons geboren,
een zoon ons gegeven.
Wezen zal de heerschappij
op zijn schouders.

Men roept zijn naam:
wonderbare raadsman,
sterke macht,
vader voor immer,
vorst van vernoeging.

Groot is zijn heerschappij,
oneindige vernoeging
op de stoel van David
en in zijn koninkrijk.

Hij vestigt en grondt het
in schikking en bewaring
intijds en eeuwig.

De ijver van Wezer met de drommen
maakt dit.

Stilte

In Jou,
Wezer,
zijn wij veilig.

Psalm

Stilte

In jouw goedheid,
Wezer,
tref mij.

Wenk

Uit ‘Belijdenissen’ van Augustinus

Welke wandaden treffen U
die door geen bederf wordt aangetast?
Geen.
Wat Gij straft is datgene
wat de mensen zichzelf aandoen.
Want door tegen U te zondigen
handelen ze ook nog ongerechtig
tegen hun eigen zielen
en beliegt de boosheid zichzelf.
Dit gebeurt,
wanneer ze de grenzen
van de menselijke gemeenschap schenden
en vermetel zich verlustigen
in eigenmachtige groeperingen
op grond van hun eigen welbehagen
of tegenzin.
Dat zijn de dingen die gebeuren
doordat men U verlaat,
o Levensbron,
die de ene en waarachtige
schepper en bestuurder
van het heelal zijt.

Uit de geschriften van Franciscus van Assisi

Waar liefde is en wijsheid
daar is geen vrees en geen onwetendheid.
Waar geduld is en nederigheid
daar is geen kwaadheid en geen opwinding.
Waar armoede is met blijdschap
daar is geen begerigheid en geen hebzucht.
Waar kalmte is en overweging,
daar is geen onrust en geen verwarring.
Waar de vreze des Heren is
om zijn erf te bewaken
daar kan de vijand geen plaats vinden
om binnen te dringen.
Waar barmhartigheid is en bedachtzaamheid
daar is geen overdaad en geen karigheid.

Uit ‘Zeven manieren van minne’ van Beatrijs van Nazareth

De tweede manier van minne
legt zich erop toe
onze Heer om niet te dienen,
alleen met minne.
Zoals een jonkvrouw die haar Heer
alleen uit grote minne dient,
zo begeert zij
minne met minne te dienen
zonder mate en boven mate
in trouwe dienstbaarheid.
Wanneer zij in de minne is,
dan is zij zo vurig in haar begeren,
zo bereidwillig in haar dienst,
vallen inspanningen haar zo licht,
blijft zij in ongemak zo vredig
en in tegenspoed zo vreugdevol.
Met alles wat ze is
begeert ze Hem genegen te zijn.

Uit ‘Visioenen’ van Julian van Norwich

Al zijn wij nu toornig,
al is de dwarsligger in ons in beroering,
ellendig en verstoord,
nu wij terugvallen in blindheid
en kwade neigingen,
toch zijn we veilig en wel
dankzij Gods barmhartige bescherming
waardoor we niet verloren gaan.
Maar beveiligd
in de vreugde die eeuwig duurt
zijn we pas
als we verkeren in een toestand
van volmaakte vrede en liefde.
Dit houdt in
dat we volledig verzoend zijn met God,
dat we ook verzoend zijn met onszelf
en onze naaste
en met al wat God liefheeft.

Uit ‘Navolging van Christus’ van Thomas van Kempen

Op Jou zijn mijn ogen gericht,
op Jou vertrouw ik,
mijn God,
Vader van ontferming.
Zegen en heilig mijn ziel
met hemelse zegening,
dat zij jouw heilige woning wordt
en zetel van jouw eeuwige heerlijkheid.
Dan wordt in de tempel van jouw waardigheid
niets gevonden
dat de ogen van jouw majesteit kwetst.
Zie naar mij om
overeenkomstig de grootte van je goedheid
en de veelheid van je erbarming
en verhoor het gebed van je arme knecht
die ver van Jou
verbannen leeft
in het gebied van de doodsschaduw.
Bescherm en bewaar de ziel van je knecht.

Uit ‘Het leven’ van Maria Petyt

Onverschrokken wierp ik mij
in Gods armen.
Alles wat wereld is
liet ik los.
Van dat ogenblik af
heb ik in mijn ziel zo’n kracht gevoeld,
dat ik sindsdien
als een onwrikbare steenrots gebleven ben
te midden van de golven van de zee
zonder mijn inwendige vreugde nog te verliezen.
Ik voelde integendeel
een standvastige vreugde en blijdschap,
als iets dergelijks mij overkwam.
Ik vermoed dat de Beminde
alle angst en beklemming heeft toegelaten
tot mijn voordeel
en om te groeien in geestkracht.

Uit de geschriften van Maur de l’Enfant Jésus

In de volmaakte eenheid
van de ziel met God
behoort de ziel Hem geheel toe
en Hij geheel aan haar.
Heel haar leven voltrekt zich
in wederzijdse en wederkerige liefde
zonder dat de ziel haar genegenheid
noch haar denken
naar elders kan of wil wenden
dan naar Hem.
Zij is met Hem vereend
door volmaakte genieting
die al haar verlangens vervult
door de overvloedige mededeling van God
die Hij doet van zichzelf
en van al zijn rijkdommen
aan de ziel.
Dit is het eindpunt van al haar bewegingen
en de plaats van haar rust.

Gebed

Houd ons staande, God,
nu wij ten onder dreigen te gaan
aan onrecht en geweld.
Wees ons genadig nabij
en geef ons vrede.

Zang

Al     Tegen de overmacht der feiten in
0       bidden wij.

Vz     Voor mensen die gebukt gaan
0       onder grof geweld.
Al     Hoor het kreunen van jouw volk.
Vz     Tegen leugen en bedrog
0       die onze ziel verzieken.
Al     Blijf niet langer zwijgen.
Vz     Dat wij niet worden misleid
0       door huichelachtig draaien.
Al     Vestig onder ons jouw recht.
Vz     Dat wij ons niet vergrijpen
0       aan kleinen en onschuldigen.
Al     Sta op, kom ons bevrijden.
Vz     Dat alles zich ten goede keert
0       uit kracht van jouw naam.
Al     Wees aanwezig in ons midden.
Vz     Dat wij oprecht van hart
0       in vreugde Jou genieten.
Al     Breng ons tot besef.

Al     Wees jouw naam indachtig:
0       Ik zal er zijn.

Van deze psalm is nog geen inleiding beschikbaar.

Colofon

Deze uitgave kwam tot stand met medewerking van
Titus Brandsma Memorial, Nijmegen

© Teksten: Kees Waaijman
© Psalmzetting: Ad de Keyzer
© Psalmgebed: Laetitia Aarnink
© Zangzetting: Ad de Keyzer

Niets van deze Psalmviering mag worden verveelvoudigd
en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch,
door geluidsopname of op enige andere wijze,
zonder voorafgaande toestemming van
Titus Brandsma Memorial, Nijmegen